Kennisretentie: hoe zorg je dat medewerkers kennis écht onthouden na een training?
Kennisretentie: hoe zorg je dat medewerkers kennis écht onthouden na een training?
Een training kan uitstekend verlopen: de trainer is goed, medewerkers doen actief mee en aan het einde van de dag lijkt iedereen de belangrijkste informatie te beheersen. Maar wat gebeurt er daarna? Een week later zijn medewerkers alweer volledig bezig met hun dagelijkse werk. Een maand later is een deel van de informatie weggezakt. En wanneer de kennis pas later echt nodig is, blijkt niet iedereen meer precies te weten wat er tijdens de training is behandeld.
Dat roept een belangrijke vraag op: hoe zorg je ervoor dat kennis niet alleen wordt geleerd, maar ook behouden blijft? Daar draait kennisretentie om.
Wat is kennisretentie?
Kennisretentie is het vermogen om geleerde kennis na verloop van tijd te blijven onthouden en opnieuw te kunnen gebruiken. Bij een training gaat het dus niet alleen om de vraag of medewerkers de training hebben gevolgd, maar ook of ze een maand later nog weten wat ze hebben geleerd, en vooral: of ze die kennis kunnen toepassen op het moment dat het nodig is. Een trainingsdag is daarmee niet automatisch het eindpunt van leren. In veel gevallen begint daar juist de fase waarin kennis onderhouden moet worden.
Waarom verdwijnt kennis?
Vergeten is normaal. Wanneer nieuwe informatie niet opnieuw wordt opgehaald of toegepast, wordt het steeds moeilijker om die informatie zelfstandig uit het geheugen terug te halen. Dat maakt een eenmalige training vaak onvoldoende wanneer het doel is om kennis langdurig beschikbaar te houden. Een effectieve leerstrategie houdt daarom rekening met wat er ná de training gebeurt, zoals ook blijkt uit de vergeetcurve.
Van training naar kennisretentie
Een eenvoudige manier om hierover na te denken is als een keten: training, herhaling, toepassing, feedback en retentie. De training zorgt voor de eerste kennisbasis, herhaling zorgt ervoor dat de kennis opnieuw wordt opgehaald, toepassing zorgt ervoor dat medewerkers de kennis daadwerkelijk gebruiken en feedback helpt om fouten te corrigeren. Samen vergroten deze stappen de kans dat kennis beschikbaar blijft wanneer die nodig is.
Korte herhaling in plaats van een nieuwe training
Kennis onderhouden betekent niet dat medewerkers iedere paar weken een volledige cursus opnieuw moeten volgen. Juist korte leermomenten zijn effectief:
- Eén korte vraag per week
- Een praktijksituatie of scenario
- Een korte quiz
- Een belangrijke regel om opnieuw op te halen
- Een korte herinnering aan een eerder geleerde werkwijze
Het doel is niet om opnieuw een training te geven. Het doel is om de kennis actief te houden, bijvoorbeeld met microlearning.
Kennisretentie begint ná de training
Voor trainingsorganisaties ligt hier een interessante kans. Traditionele dienstverlening stopt vaak zodra de cursist de trainingsruimte verlaat, terwijl de eigenlijke uitdaging daarna pas begint: hoe blijft de geleerde kennis beschikbaar? Een training kan zo veranderen van een eenmalige gebeurtenis in een leerproces dat weken of maanden doorloopt. Dat is niet alleen interessant voor de deelnemer: het biedt trainingsbureaus ook de mogelijkheid om een aanvullende dienst te bieden rond kennisborging.
Dat is precies waar Stiqqo op inspeelt: wekelijkse kennisactivatie van vijf minuten, volledig onder de naam en huisstijl van de trainingsorganisatie zelf, zodat kennis blijft plakken lang nadat de trainingsdag voorbij is.
Conclusie
Een goede training is belangrijk, maar hoeft niet het einde van het leerproces te zijn. Wie kennis langdurig wil laten beklijven, moet ook nadenken over wat er ná de training gebeurt. Uiteindelijk gaat het niet om hoeveel kennis iemand op de trainingsdag kon reproduceren, maar om hoeveel kennis iemand nog beschikbaar heeft wanneer het er daadwerkelijk toe doet. Maak van het einde van je training het begin van kennisretentie.